Sitemap






Spreuk


Wie wil, zoekt een mogelijkheid.
Wie niet wil, zoekt een reden.

(Russisch gezegde)


Studie Openbaring


Vindt de opname plaats vóór de grote verdrukking begint of bij de laatste bazuin; aan het eind? Leer de Schrift zelf begrijpen: Laat de Heilige Geest jou onderwijzen. Versta de tijd waarin we leven.

God roept: De Here Jezus komt terug! Bereid je voor! Wees een 'wijze maagd' en een 'herdersstaf' voor Israel!

Op onze site: Een unieke studie over de geopenbaarde toekomst in de boeken Daniėl en Openbaring.

Ga naar 'Studie'


Meer over de Uittocht uit Egypte

Hebben de Israėlieten gedurende veertig jaar in de Sinaļ woestijn rondgelopen? De traditie leert ons dit. Bijna alle Bijbelse kaarten tonen deze route in de Sinaļ.Verdiep je je serieus in deze vraag dan loop je al snel tegen allerlei feiten aan. Het is onwaarschijnlijk, dat het volk in de Sinaļ woestijn heeft rondgelopen!

Laten we een reconstructie maken van hetgeen zich mogelijk heeft afgespeeld.

* Exodus 2:15 Mozes vluchtte voor de farao. Zo kwam hij in Midjan terecht.
* Exodus 3:11 'als je het volk uit Egypte hebt weggeleid, zullen jullie God bij deze berg vereren.'
* Exodus 5:1 en 3 Hierna gingen Mozes en Aäron naar de farao, en ze zeiden tegen hem: ‘Dit zegt de HEER, de God van Israėl: Laat mijn volk gaan, om in de woestijn ter ere van mij een feest te vieren.' Sta ons toe drie dagreizen ver de woestijn in te trekken om de HEER, onze God, daar offers te brengen.
* Exodus 12:37 De Israėlieten trokken te voet van Rameses naar Sukkot.
* Exodus 13:17 en 21 Toen de farao het volk had laten vertrekken, leidde God hen niet langs de weg die door het gebied van de Filistijnen loopt.
De HEER ging voor hen uit om hun de weg te wijzen, overdag in een wolkkolom, ’s nachts in een lichtende vuurzuil. Zo konden ze dag en nacht verder trekken

* Exodus 14:5 en 10 Toen aan de farao, de koning van Egypte, bericht werd dat het volk gevlucht was, kregen hij en zijn hovelingen spijt. De Egyptenaren achtervolgden hen, en haalden hen in bij Pi-Hachirot

Reconstructie
Mozes had zich in het land Midian gevestigd, nadat hij was gevlucht voor de Farao. Midian is het huidige Saoedi Arabiė.
Bij zijn terugkomst kreeg Mozes de opdracht om het volk naar de berg te brengen om daar God te vereren. God gaf opdracht om 'drie dagreizen ver de woestijn in te trekken' om Hem daar te vereren. Dit is ook de boodschap die Mozes en Aäron brachten aan de farao.
God leidde het volk de woestijn in en liet hen niet over de weg door het gebied van de Filistijnen gaan. Dit wijst erop dat ze wel in die buurt gelopen
kunnen hebben. Het is zéér onwaarschijnlijk, dat ze na weggegaan te zijn uit hun woonplaats weer terug gingen naar Rameses om daar door de Rietzee te trekken. Het volk woonde immers aan de Rietzee in het gebied Rameses. Ook is het onwaarschijnlijk, dat ze via het zuiden Egypte binnen gingen om de oversteek te maken door de Golf van Suez.
Het volk was vanuit Suez de woestijn ingetrokken en ze liepen dag en nacht. Na drie dagen stopte het volk niet om een offer te bergen maar liep door. Waarschijnlijk gingen er verspieders mee. Deze verspieders zijn naar de Farao gegaan en hebben hem geļnformeerd. Toen de Farao door kreeg dat het volk 'gevlucht' was, besloot hij de Israėlieten terug te halen. Hij mobiliseerde zijn leger en achtervolgde Israėl. De farao haalde hen in bij Pi-Hachirot, hetgeen met 'uitmonding van een gat of diepe kloof' vertaald kan worden. Nuweiba zou aan die beschrijving voldoen. In de documentaire komt dit duidelijk naar voren.
De oude naam van Nuweiba is: 'Nuwayba 'al Muzayyinnah" dit betekent: 'Wateren van Mozes Openen’. Mede daarom is deze locatie een sterke kandidaat voor de authentieke locatie.

De afstand tussen Sukkot en Nuweiba is 350km. Als het volk ±35km per dag zou lopen, heeft het 10 dagen nodig om bij Nuweiba aan te komen. Voordat de Farao het bericht kan ontvangen dat het volk doorloopt na drie dagen, moet de verspieder eerst nog de reis terug maken naar Egypte. 3x 35km = 105km. Een getrainde verspieder kon in 2 dagen terug lopen. We zijn nu 5 dagen verder. De farao besloot toen het volk te achtervolgen en mobiliseerde zijn leger.
Daar zal hij ongeveer 1 dag voor nodig hebben gehad, maar dat zou ook met minder kunnen. Toen de farao uit Egypte vertrok, moet het volk 5 į 6 dagen voorsprong hebben gehad. Hij had krijgsvolk en strijdwagens. Stel dat de farao met zijn leger 70km per dag aflegde, dan zou hij 5 dagen nodig hebben om het volk in te halen. Dan zitten we op 10 į 11 dagen. Dit toont aan, dat de Israėlieten genoeg tijd hadden om met ouderen, vrouwen, kinderen en hun vee deze woestijn door te trekken. Ze konden bij Nuweiba aangekomen zijn, ruim voordat de farao bij het grote strand arriveerde. Deze reconstructie sluit uit dat het volk deze afstand niet overbrugd kon hebben. Er zijn nog meer goede redenen, die dit argument ondersteunen. Deze zijn beschreven in 'Meer over de Berg Sinaļ'.

Bij Nuweiba is een onderwater 'landbrug' naar Midian, het vroegere Saoedi Arabiė. Tevens zijn er vormen van wagenwielen, op wat metaal na, geheel van koraal gevonden. De spil van de wielen was van metaal. Koraal heeft de eigenschap dat het iets nodig heeft om zich op te kunnen vestigen. Het hout is allang vergaan, maar het koraal heeft veel unieke vormen bewaard.
Denk aan hoeken van 90˚. Deze komen normaliter niet voor in de natuur. Deze locatie is uniek omdat het een 'grafzerk' van wagens en wagenwielen blijkt te zijn. Overal liggen sporen van het voormalige leger.